Pastei | Chinees – Indonesisch versie

In deze pastei zitten een paar grappige ingrediënten: koeping tikoes en sedep malam. Het eerste betekent muizenoortjes en het tweede is letterlijk vertaald: een mooie nacht. Dit is de bloem van Polianthus Tuberosa; de tuberoos. Deze worden droog verkocht en moeten even weken voordat ze door een gerecht gaan. Wil je liever een simpeler pastei maken? Bekijk dan dit pastei-recept van Beb Vuyk.

Muizenoortjes zijn een soort paddestoelen. Deze worden ook gedroogd verkocht en moeten weken om helemaal weer flexibel te worden.

Dit recept is genoeg voor 5 personen en klaar in 45 minuten tot een uur.


Pastei II (Indonesisch-Chinees) #460 uit Beb Vuyk’s Groot Indonesisch Kookboek, pagina 370.

Ingrediënten

  • aardappelpuree van 1/2 kg aardappelen
  • 4 gebraden saucijsjes
  • 50 gram koeping tikoes (Chinese champignons)
  • 50 gram sedep malam
  • 25 gram laksa
  • 1 grote fijngesneden prei
  • 2 eetlepels gehakte selderie
  • sap van 1 teentje knoflook
  • 1 gesnipperd teentje knoflook
  • 2 eetlepels gebakken uien
  • 2 hardgekookte eieren
  • 1 rauw ei
  • peper
  • zout
  • boter
  • paneermeel
  1. Week de koeping tikoes, de sedep malam en de laska elk apart enige tijd van tevoren.
  2. Bak de uien knappend bruin en maak de aardappelpuree op de gewone manier, vermeng haar met het losgekopte ei. Eventueel er het sap van een teentje knoflook dorrheen roeren
  3. Haal het vel van de saucijsjes af en snijd deze in plakjes. Bak ze op met de prei en de knoflook.
  4. Maak de jus af met een restje oud jus en het weekwater van de koeping tikoes. Snijd de koeping tikoes in stukjes, evenals de sedep malan.
  5. Stoof ze met de saucijsjes en voeg er ook de laska aan toe, die even mee moet stoven.
  6. Doe de massa over in een beboterde vuurvaste schotel, strooi er de selderie overheen en bedek ze met de in partjes gesneden eireren en de gebakken uien. Strijk over dit alles de aardappelpuree, bestrooi het oppervlak met paneermeel en leg er wat klontjes boter op.
  7. Zet de schotel 1/2 uur in een oven van 250 º C (gasovenstand 5-6).
  8. Laat er een bruin korstje op komen.

Ik begin met het weken van de paddestoelen en de laksa in wat warm water.

Dan maak ik een aardappelpuree met een ei er door en genoeg peper en zout. Ik ga ook voor het teentje knoflook dat Beb noemt.

Ik bak alle ingrediënten en doe er de geweekte laksa bij.

Dan kan ik de ovenschaal opmaken met de eitjes en uitjes erbij.

Bovenop komt de laag aardappelpuree en paneermeel. Ik doe er stukjes boter bij en dan kan ‘ie in de hete oven (250 graden).

Pastei vind ik er lekker en je kan er makkelijk allerlei restjes eten in verwerken. Maar ik moet toegeven dat ik het andere (simpelere) pastei-gerecht lekker vind. Het is minder complex, ook van smaak.

Dit vind je misschien ook leuk...