Petjel

450-petjel-af

Nou als dit niet gezond is ;-). Zelfs met de pindasaus erbij – die best licht is- eet je vandaag je wekelijkse behoefte aan groente bij elkaar ;-). Beb wijdt een beetje uit in haar boek over Petjel. Het lijkt op gado-gado maar wordt geserveerd zonder eitjes of tempeh. Ook is de petjelsaus een beetje anders dan de gado-gado saus.

Petjel moet bestaan uit meerdere kleuren groenten: donkergroen, lichtgroen en wit.

Deze hoeveelheid is goed voor zeker 3 personen, klaar in 30 minuten.


Petjel #450 uit Beb Vuyk Groot Indonesisch Kookboek, pagina 362.

Ingrediënten

250 gram andijvie
250 gram spinazie
100 gram boontjes
200 gram taogé
200 gram kool (groene, witte, savooye- of bloemkool)
1/2 pot pindakaas
1 à 2 dl water
2 eetlepels olie

Kruiden

5 eetlepels gesnipperde uien
2 gesnipperde teentjes knoflook
2 theelepels sambal terasi
3 eetlepels keuken-tamarinde (zoete asembrij)
1 eetlepel azijn
1 theelepel Javaanse suiker
1/2 theelepel kentjoer
zout

Maak de groenten schoon en kook ze met een weinig zout één voor één even op, zó dat ze knappend blijven. De taogé wordt niet gekookt en alleen met kokend water afgespoeld. Laat de groenten goed uitlekken. Wrijf de uien met de knoflook, de sambal, suiker, kentjoer en zout met elkaar tot een brij. Fruit ze in de olie tot de uien geel zijn. Meng er de pindasaus doorheen; heel makkelijk gaat dat in de mengkom met een mixer. Maak van het water en de asem een papje (na de zaden en vliezen hebben verwijderd) en roer dit lepels gewijs door de massa. De saus moet dik zijn als slasaus. Schik de uitgelekte groenten op een schotel en overgiet haar met de saus.

De gekookte groenten kunnen al naar gelang het seizoen gevarieerd worden. Ze moeten bestaan uit:

1) Donkergroene groenten als andijvie, boerenkool, spinazie;
2) Lichtgroene groenten als jonge spinazie, raapsteeltjes, boontjes, groene of savooyekool;
3) Witte groente als taogé, witte kool of bloemkool.


470-petjel-groente-rauw

Wat een heerlijke mand groenten. Ze moeten zeker knappend blijven voor petjel. Ik begin met de boontjes. Wil je groenten goed groen houden, voeg ze dan doe aan al kokend water. Kook kort. De boontjes moeten het langst. Ik geef ze zo een 5 minuten. Dan in een vergiet en afspoelen met koud water. Goed uitlekken en ze kunnen op een schaal.

Dit doe ik ook bij de kool, die wat korter gekookt mag worden. Als kool kies ik spitskool. Die vind ik lekker en is niet zo groot als een witte kool (daar doe ik altijd eeuwig mee ;-).

De spinazie, andijvie en taogé pak ik anders aan. Beb overgiet alleen de taogé met kokend water, maar ik doe het zelfde met de spinazie en andijvie.

Een pecel lijkt op een gado gado, maar dit is toch meer een salade. Er wordt officieel geen tempeh bij geserveerd, of eitjes. Toch maak ik die er wel bij vandaag. We hebben vegetarische vrienden op bezoek, dus dan is een eitje wel lekker als basis in plaats van vlees. Ook snij ik komkommer in plakjes erbij voor de kinderen. Die dopen zo handig in de lekkere saus.

Ga naar recept 470 voor de speciale petjelsaus of pindasaus III van Beb Vuyk.

Zelf met het boek van Beb Vuyk aan de slag? Er is net een prachtige herdruk uitgegeven. Bestel ‘m hier voor maar 24,95 euro.

Print Friendly, PDF & Email

You may also like...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *