Eend uit de oven in Chinese pannenkoekjes

Dit recept lijkt op Pekingeend. Het bevat dezelfde ingrediënten en sausjes. Echte pekingeend maken, met dat glimmende huidje dat langzaam wordt gedroogd in de oven; daarvoor kan je beter naar een goed Chinees restaurant. Maar eend maken op deze manier lijkt er veel op en is overheerlijk.

Dit gerecht heeft alles wat met Kerst te maken heeft, vind ik. 😉 Deze Chinese klassieker bevat namelijk:

– een oven
– een wilde vogel
– sausjes
– chique met je handen eten
– typische Kerstkruiden
– een potentieel prima combinatie met fantastische rode wijn

Wilde of tamme

Ik heb mijn eendgerecht gemaakt met tamme eend en wilde eend. Ik vond de wilde eend het lekkerste, alhoewel die een stuk minder vet was en kleiner (700 gram). De wilde eend had veel smaak en kwam sappig uit de oven.

Hierboven zie je een tamme eend. Hij is veel groter en vetter: ruim 1,5 kilo en moet daarom ook een stuk langer in de oven (zeker 2 uur). Vraag de slager wat hij adviseert. Ik vond de wilde eend lekkerder dus heb daarom ook dit recept hierop aangepast.

Hagel

Ik betaalde 16,99 euro voor mijn wilde en heb ‘m besteld bij een super goede lokale slager. In mijn geval is dat ‘Van Leeuwen Vleesch’.

De wilde Nederlandse eend is echt afgeschoten. Let er dus op dat je de hagel eruit haalt. De slager doet dat al voor je, maar meestal vind je er nog wel een paar.

Oven

Eén wilde eend is net genoeg voor twee personen en hoeft maar kort in de oven (ongeveer 25 minuten).


Dit ‘oveneendrecept’ is genoeg voor 2 personen en is klaar in 1 uur en 15 minuten. 

Ingrediënten

Eend
700 gr wilde eend
4 cm, fijngehakte verse gember
4 cm gember ongeschild en in twee stukken gesneden
2-3 theelepels 5-kruidenmix
1 theelepel zout

Pannenkoekjes (ongeveer 20)

250 gram bloen
140 milliliter heet water
Snufje zout

Vulling

Komkommer
Lenteuitje
Spaanse Peper

Sauzen

Hoisinsauce (klik hier voor het recept)


Bereiding

Mijn wilde eend heb ik eerst goed onderzocht op hagel. Daarna keep ik alleen de vette huid voorzichtig in. Het is best dun, dus opletten met een scherp mes dat je niet te diep gaat.

Het kruislings inkepen zorgt voor een knapperig huidje, dat niet te strak trekt, zodat de eend mooi gaart. Omdat ‘ie maar even hoeft, is dat belangrijk.

Gember maak je makkelijk schoon met een theelepel. Het velletje rasp je er zo vanaf. Handig voor grillig gevormde gemberwortels.

Ik hak dit stuk mooi fijn en meng het met de 5-kruidenmix en het zout.

5-kruiden

Vijf kruidenmix bestaat uit kaneel, steranijs, szechuanpeper, venkelzaad, nagelgruis (kruidnagel). Alle smaakgroepen, die we tot nu toe kennen, zitten in deze fantastische kruidenmix; zoet, zout, bitter, zuur en umami.

Insmeren

Ik ben niet zuinig met het insmeren van mijn eendje. Ik smeer en wrijf alles goed rondom en vooral op de vette bovenkant. Vergeet de binnenkant niet. Als daarin ook wat kruidenmix zit, vul ik de ruimte op met de twee stukken losse gember. Die hoeven niet geschild.

Ik laat mijn eend even zo staan (15-30 minuten). De huid marineert in de 5-kruidenmix terwijl mijn eend helemaal op kamertemperatuur kan komen.

Oven

De oven mag hoog op 22o graden Celsius. Ik verwarm de ovenschaal ook in de oven op.

Bakken

Als de oven heet is, haal ik voorzichtig de loeihete ovenschaal eruit. Ik leg mijn eend erop. Hoor het sissen. Nu is de onderkant meteen goed dichtgeschroeid en dat houd sappen vast.

Ik bak mijn eend 20 minuten op 220 graden en daarna nog 5 minuten op 180 graden.

Ik breng de temperatuur wat terug op het laatst omdat ik niet wil dat ‘ie verbrandt, maar nog wel even doorgaart. Na de oven haal ik de schaal eruit en bedenk dat helemaal met zilverfolie. Ik laat de eend zo nog zeker een half uur staan. De sappen die eruit zijn gelopen, zuigt het vlees weer op. Ook gaart de eend na en wordt alles lekker sappig. Hij blijft prima warm.

Chinese pannenkoekjes

Bij Pekingeend hoort een dun pannenkoekje dat je vult met knapperige groenten, zoals komkommer en lentuitjes in de lengte gesneden.

Deegje

Nu de eend in de oven zit, heb ik tijd om de pannenkoekjes te maken. Ik zet een stoommandje (of neem een plat vergiet) boven water en breng aan de kook. Op de bodem van mijn mandje leg ik een ‘cartouche’; een rond geknipt bakpapiertje. Hij moet niet precies passen, maar juist wat te klein zijn, zodat er genoeg stoom langs kan.

Ik zet het in een wok met water dat het mandje niet raakt, en breng aan de kook.

Heet water

Ondertussen doe ik 250 gram bloem in een kom en giet er 140 ml heet water in. Zo heet dat ik het eerst met eetstokjes moet omroeren, voordat ik het kan kneden.

Ik heb de pannenkoekjes ook gemaakt met koud water. Dat zorgt voor een ander soort deegje, maar wordt uiteindelijk in dikte en transparantie best gelijk. Als ze gaar zijn bobbelde ze meer dan de pannenkoekjes met heet water. Het deeg wordt wat slapper en is daarom moeilijker om te rollen.

Het deeg met heet water wordt stevig en maakt wat strakkere pannenkoekjes.

Ik kneed het deeg even goed, totdat ‘ie stevig is en glad. Ik rol het in een worst en snij in ongeveer 20 stukjes.

Ik draai ze in balletjes en dek af met plastic.

Dan een voor een nog even kneden voordat ik ze rustig uitrol in een zo dun mogelijke pannenkoek. Ik gebruik telkens bloem op het aanrecht en mijn deegroller, zodat het deegje niet plakt.

Ik probeer ze mooi rond te krijgen, maar lukt nooit echt. Ach, staat ook best gezellig.

Ze zijn dun genoeg als je je vingers er doorheen kan zien.

Stomen

Ondertussen stoomt het water, waar mijn mandje bovenstaat en leg ik het eerste deegje op het bakpapiertje. De deksel gaat erop en ik kneed en rol rustig mijn volgende deegje.

Ik stoom de deegjes telkens een minuut of 2 ongeveer. Het is de tijd dat ik nodig heb om rustig een nieuwe deegje te maken. Ik leg het nieuwe deegje netjes bovenop het vorige en stapel door tot dat alles gedaan is.

Ondertussen blijft het mandje gewoon doorstomen. Als het laatste deegje erin zit, stoom ik het nog een paar minuten goed door en dan kan het gas uit en het mandje eraf. Ook al heeft het onderste deegje het langst erin gelegen, het wordt niet droger of anders dan de rest.

Lostrekken

Nu niet wachten. Meteen de hete deegjes uit het mandje halen en één voor één rustig lostrekken. Ze zijn sterker dan ze lijken; een beetje rubberig en komen mooi los. Stapel ze opnieuw op (kan in het bamboe mandje). Dat staat mooi.

Nu ben je er bijna. Ik vind mijn pannenkoekjes het lekkerst met in repen gesneden komkommer, lenteuitjes, rode pepers en eend. Ik eet ze met pruimen- en hoisinsaus.

Het recept voor pruimensaus komt er aan!

You may also like...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *